Roadmap Academisch schrijven
Het doel van deze routekaart is om docenten(teams) te ondersteunen in het begeleiden van bachelorstudenten in hun ontwikkeling tot zelfregulerende en kritisch schrijvende studenten. Naast de routekaart vind je aanvullende (onderwijs)materialen waarin delen van deze routekaart verder worden uitgewerkt.

Achtergrond
Vanuit het USO project- Reading and Writing Nexus is een routekaart ontwikkeld. In deze routekaart wordt de de ontwikkeling van academische schrijfvaardigheid in de bachelor beschreven. Het academisch schrijven wordt hierbij gedefinieërd als het schrijven op basis van bronnen. Gedurende hun opleiding leren studenten bronnen kritisch te lezen en verwerken, om deze kennis vervolgens te ordenen en integreren in een nieuwe, eigen tekst. Dit start met simpele taken, waarbij studenten bronnen samenvatten in eigen woorden en gebruiken ter onderbouwing voor de relevantie van een probleemstelling voor onderzoek. Naarmate studenten een grotere kennisbasis hebben opgebouwd, kunnen ze meerdere bronnen op een diepgaande wijze te integreren en zo theoretische en methodologische keuzes voor eigen onderzoek grondig en overtuigend onderbouwen. Ook zijn ze in staat om kritisch te reflecteren op onderzoeksbevindingen en deze te koppelen aan de huidige stand van zaken in de literatuur. Al schrijvende komen studenten dus tot de kern van de zaak en dragen ze actief bij aan het wetenschappelijke debat.
De 4 Vragen
De routekaart visualiseert welke knelpunten en uitdagingen studenten tegenkomen in hun ontwikkeling tot kritische en zelfregulerende academische schrijvers en er worden gerichte voorbeelden gegeven van effectieve schrijfdidactieken die deze ontwikkeling kunnen bevorderen. De routekaart helpt opleidingen met de volgende vier vragen, afhankelijk van de situatie kun je stappen selecteren en/of een volgorde kiezen:
- Overtuigen: hoe kan ik collega’s overtuigen van het belang van zelfregulerende en kritisch schrijvende studenten?
- Leren: hoe leren studenten academisch schrijven? Wat is de complexiteit van het leerproces; waar zitten de knelpunten voor studenten?
- Implementeren (macro): hoe ziet een ideale schrijfleerlijn eruit? Welke tools helpen bij het ontwikkelen van deze leerlijn in de opleiding?
- Implementeren (micro): welke onderwijsleeractiviteiten kun je inzetten om de ontwikkeling van academisch schrijven te bevorderen?
Het ambacht
In de routekaart benadrukken we academisch schrijven als een ambacht. Hierbij leren studenten met en van elkaar de kneepjes van het vak en worden ze kritische en zelfregulerende schrijvers die in staat zijn om hun eigen ideeën te verdiepen en te communiceren via begrijpelijke academische teksten met vakgenoten of het bredere publiek.
De 5 kernelementen
De volgende vijf kernelementen vormen het uitgangspunt voor effectief schrijfonderwijs:
- Stem (voice): leren hoe je al schrijvende je eigen stem en stijl ontwikkelt.
- Schrijven op basis van bronnen (source-based): leren schrijven voor kennisontwikkeling.
- Schrijven als sociale en disciplinaire praktijk (social & disciplinary): leren schrijven binnen een academische gemeenschap.
- Strategisch schrijven (strategic): grip leren krijgen op het schrijfproces.
- Dialogisch schrijven (dialogical): leren om in dialoog te gaan met je eigen en andermans teksten.
- Stem (voice): wat heb jij te zeggen met je tekst?
Schrijven is niet zomaar het doorgeven van andermans kennis, het gaat erom dat jij je leert te verhouden tot die kennis. Dit vraagt om het ontwikkelen van een eigen academische stem door regelmatig te schrijven, te experimenteren en daarop te reflecteren. Centraal staan eigenaarschap, authenticiteit, creativiteit en doordacht gebruik van stijlmiddelen. Generatieve AI kan hierbij dienen als schrijfcoach, maar vervangt nooit het eigen creatieve (denk)proces.
Doel: eigenaarschap, bewuste stilistische keuzes.
Leeractiviteiten: schrijflabs, freewriting, AI als coach. - Schrijven op basis van bronnen (source-based): nadruk op kennisontwikkeling Schrijven fungeert als instrument om te leren: om kennis te verwerven, te ordenen en een eigen standpunt te verdiepen. Dit omvat het zorgvuldig selecteren, begrijpen en integreren van bronnen, het maken van syntheses en het zo precies en accuraat mogelijk formuleren van bestaande en nieuwe kennis.
Doel: bronnen kritisch lezen, samenvatten en integreren in een nieuwe tekst. Leeractiviteiten: close reading, syntheseopdrachten, redeneren met bronnen. - Schrijven als sociale en disciplinaire praktijk (social & disciplinary): inbedden in de academische gemeenschap
Schrijven vindt altijd plaats binnen een academische gemeenschap, waarin bepaalde regels en verwachtingen gelden afhankelijk van het doel en publiek. Studenten leren de vorm en betekenis van hun academische teksten af te stemmen op de waarden en verwachtingen binnen een disciplinaire context. Zo kunnen ze effectief bijdragen aan het huidige wetenschappelijke debat binnen hun discipline.
Doel: inzicht in wetenschappelijke genres, conventies, disciplinaire waarden. Leeractiviteiten: genre-instructie, modelling, voorbeelden bespreken. - Strategisch schrijven (strategic): grip op het proces
De nadruk in het onderwijs ligt op het schrijfproces in plaats van het eindproduct. Studenten leren dat een tekst niet in een keer op papier staat, maar dat dit een resultaat is van herhaaldelijk schrijven, teruglezen en herschrijven. Hierbij maken ze bewuste keuzes afhankelijk van doel, doelgroep en beoogde impact. Ze leren schrijfstrategieën doelgericht en flexibel in te zetten om deze communicatieve doelen te bereiken, met aandacht voor planning, revisie en iteratie. Ze geven niet snel op, maar zetten door ook als ze lijken vast te lopen.
Doel: schrijven als proces; keuzes maken voor doel, doelgroep en impact. Leeractiviteiten: processtappen expliciteren, doelen stellen, schrijven in meerdere versies. - Dialogisch schrijven (dialogical): in dialoog met eigen en andermans teksten Studenten leren om hun tekst te verdiepen en te verscherpen door in dialoog te gaan met eigen en andermans teksten. Er is in het onderwijs een dialogische feedbackcultuur, waarin door middel van actief doorvragen en parafraseren het gezamenlijk construeren van betekenis centraal staan. Dit versterkt het vermogen om kritischer naar de eigen tekst te kijken en deze gericht te reviseren. Zo kunnen ze hun boodschap steeds scherper en effectiever overbrengen en voldoen hun teksten aan wetenschappelijke kwaliteit.
Doel: betekenis construeren in interactie; feedback gebruiken voor verdieping. Leeractiviteiten: peerfeedback, dialogische sessies
Meer informatie